De civiele en (dan pas) fiscale gevolgen van een erfrechtelijke vordering met een ‘te hoge rente’
Abstract
De civiele en (dan pas) fiscale gevolgen van een erfrechtelijke vordering met een ‘te hoge rente’ Voor de Successiewet 1956 worden geldvorderingen die zijn ontstaan als gevolg van een verkrijging krachtens erfrecht, ongeacht de hoogte van de rente die zij dragen op grond van een uiterste wilsbeschikking of op grond van een rentevaststelling, in aanmerking genomen voor ten hoogste de nominale waarde. Op het eerste gezicht zou dat betekenen dat een niet-opeisbare erfrechtelijke vordering die een enorm hoge rente draagt, nog steeds in aanmerking wordt genomen voor ten hoogste de nominale waarde. Kan dat waar zijn? In deze bijdrage gaat de auteur in op de civiele en fiscale aspecten van een dergelijke vordering met een enorm hoge rente.
Fields of Study & Subjects
Family and Matrimonial Law
Taxation and Legal Issues
Legal principles and applications
Publication details
- Journal / source
- Tijdschrift Erfrecht
- Volume
- 27
- Issue
- 1
- Pages
- 10–15
- Publication date
- 1 February 2026
- Language
- NL