Lang verhaal kort: Een analyse van de kenmerken en effecten van blurbs in het Young Adult-genre

Authors: Nicole Oude Heuvel, Joyce; id_orcid 0000-0002-0000-4867 Karreman, Menno D.T. de Jong
Cited by: 0

Abstract

Een cruciaal onderdeel van marketing van boeken in het Young Adult-genre is de achterflaptekst, ook wel blurb genoemd. Deze tekst heeft als doel om de plot voor de lezer te beschrijven en hen ervan te overtuigen om het boek aan te schaffen (Önder, 2013; Cronin & La Barre, 2005). Ondanks het belang van dit medium is er nog weinig onderzoek gedaan naar de tekstuele en narratologische kenmerken, oftewel de verhaalkenmerken, ervan. Wij hebben een inhoudsanalyse uitgevoerd op 209 blurbs van Young Adult-boeken die verschenen zijn tussen 2005 en 2024 om meer inzicht te krijgen in de verhaalkenmerken van deze teksten. Hiervoor zijn blurbs van Nederlandstalige en Engelstalige boeken geselecteerd, en van zowel losstaande boeken als boeken die onderdeel zijn van een serie. In de inhoudsanalyse hebben we 36 verschillende kenmerken onderscheiden. Deze kenmerken zijn onder andere gebaseerd op de narratieve analysemethode van Sanders en Van Krieken (2023). Ze zijn verdeeld over zeven clusters: personages, verteltijd, perspectief, stijl, temporele structuur, plot en einde van narratief. De resultaten van de inhoudsanalyse tonen aan dat de personages veel aandacht krijgen in de blurbs. Er is namelijk 1271 keer een kenmerk uit dit cluster gevonden. Zo wordt vooral de protagonist uitgebreid beschreven. Verder spelen plotaspecten een belangrijke rol. De kenmerken uit dit cluster kwamen 988 keer voor. De oorzaak van het centrale conflict wordt bijvoorbeeld veelal beschreven. Verder wordt in de helft van de blurbs de (fantasie)wereld van het verhaal geschetst. Deze beschrijving wordt ‘worldbuilding’ genoemd en past binnen het plotcluster. Wat perspectief en tijd betreft, laten de resultaten zien dat blurbs doorgaans in de derde persoon en in de tegenwoordige tijd geschreven zijn. De temporele structuur van het verhaal is chronologisch, al komen korte flashbacks en vooruitblikken ook voor. Stijlkenmerken, zoals hyperbolen, komen opvallend weinig voor, slechts 147 keer in totaal. Al met al lijkt de stijl van de blurb minder aandacht te krijgen in vergelijking met de inhoud van het verhaal. Om te onderzoeken wat voor effecten de verhaalkenmerken hebben op narratieve transportatie, de houding ten opzichte van het boek en de koopintentie hebben we een experiment uitgevoerd. In dit 2x2-experiment hebben we aan 173 deelnemers een versie van een blurb voorgelegd met of zonder ‘worldbuilding’, geschreven in de eerste of derde persoon. Deze blurb is zelfgeschreven en niet gebaseerd op een bestaande blurb, zodat de deelnemers de tekst niet konden herkennen. De deelnemers zijn benaderd via persoonlijke netwerken, sociale media en groepsapps over boeken. Ze waren allemaal Nederlandstalig, zestien jaar of ouder en hielden van lezen. Tegen de verwachting in hadden de twee verhaalkenmerken geen effect op de lezers. Ook hadden persoonlijke kenmerken van de deelnemers geen effect. Vervolgonderzoek zou moeten uitwijzen welke effecten andere verhaalkenmerken hebben op de lezer.

Fields of Study & Subjects

Narrative Theory and Analysis Literature Culture and Aesthetics Themes in Literature Analysis

Publication details

Journal / source
University of Twente Research Information
Publication date
28 January 2026